Zoek partners

Als het initiatief duidelijk is benoemd en helder is welke problemen het initiatief moet gaan oplossen, kan aansluiting worden gezocht bij partners.

Gezamenlijke ambities zijn leidend
Wie kan aanschuiven om een netwerk van de grond te krijgen, hangt af van de ambitie. Richt u zich op het opheffen van bewegingsachterstanden in probleemwijken, zijn andere partijen nodig dan als het gaat om  een gezondere leefstijl bij mbo-leerlingen.
Netwerkvorming op lokaal niveau is maatwerk; de lokale situatie bepaalt welke actoren binnen een netwerk actief moeten zijn. Sluit geen enkele partij op voorhand uit, maar stel de doelstellingen centraal.

pijl Gebruik factsheets om partijen te overtuigen van de urgentie van het probleem dat u signaleert. In deze handreiking vindt u bij TOOLS enkele factsheets. Deze geven echter landelijke informatie. Uiteraard is het des te overtuigender als u de lokale feiten presenteert. Gebruik bijvoorbeeld cijfers uit de GGD-monitor. Alle GGD'en in Nederland hebben namelijk de taak de gezondheid van de inwoners in hun werkgebied te volgen. Voor info kijk op www.monitorgezondheid.nl. Maak zaken zoveel mogelijk visueel: een grafiek of taartdiagram zegt meer dan een stuk tekst!

Bestuurlijk niveau
Het bestuurlijk niveau van overleg vraagt om een netwerk van mensen die op bestuurlijk niveau functioneren en beslissingsbevoegdheid hebben binnen de eigen organisatie. Het gaat in deze bestuurlijke netwerken om het vastleggen van beleidsdoelen, taakverdeling, financiën en randvoorwaarden. Gemeenteambtenaren, schoolbestuurders en beleidsmakers binnen de lokale sportbundelingen hebben hier een plaats in. Daarnaast kunnen ook andere partijen een rol spelen. Zoek dan wel naar mensen die ook echt beleidsmatige invloed hebben. 

Bestaande netwerken
Het is zeker aan te raden voort te bouwen op bestaande overlegstructuren en netwerken. Wellicht bestaan er tussen of binnen de verschillende sectoren al netwerken. Bijvoorbeeld netwerken tussen lokale sportverenigingen of netwerken tussen vakleerkrachten op scholen.
Eventueel kunnen bestaande overlegstructuren aangevuld worden met nieuwe samenwerkingspartners.

Denk ook aan partners in het VO en mbo!

De samenwerking tussen PO en sportorganisaties, blijkt beter van de grond te komen dan de samenwerking met VO en mbo. In een enquête die Oberon gehouden heeft onder gemeenten, werd door 27 van de 32 gemeenten aangegeven dat PO-scholen actief samenwerken met de sportsector. Slechts 18 gemeenten meldden een actieve samenwerking tussen VO-scholen en de sport. Actieve samenwerking tussen het mbo en de sportsector werd slechts door 4 gemeenten gemeld,  waarbij wel aangemerkt moet worden dat niet in alle gemeenten mbo-instellingen gevestigd zijn.

Wilt u dat jongeren meer gaan bewegen en ook blíjven bewegen, dan is het zaak ook de samenwerking te zoeken met het VO en mbo.

 
Kijk niet alleen naar netwerken en overlegstructuren binnen de sector sport, maar zeker ook naar bestaande overlegstructuren tussen gemeente en onderwijspartijen. Zijn er al structuren waarin met alle partijen goed is samengewerkt in het kader van de Breedtesport-Impuls, BOS-projecten, de Brede School of de combinatiefuncties? Bekijk ook of er mogelijkheden zijn om aan te sluiten bij het overleg over de Lokale Educatieve Agenda (LEA). Dit is een overleg dat regelmatig plaatsvindt tussen schoolbesturen en gemeente. Hieronder zou een bestuurlijk netwerk sport en bewegen kunnen functioneren.

In het overleg tussen gemeenten en V(S)O-scholen en mbo-instellingen, in veel gemeenten de Lokale Educatieve Agenda (LEA) genoemd, komen vaak de volgende onderwerpen aan bod:

  • Terugdringen voortijdig schoolverlaters.
  • Zorg en opvang probleemjongeren.
  • Veiligheid in en om de school.
  • Relatie van de school met de wijk.
  • Leerlingstromen naar scholen binnen en buiten de gemeenten en de consequenties voor huisvesting. 
  • Specifiek voor mbo: aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt.

De volgende punten kunnen hieraan toegevoegd worden:

  • Preventie en vermindering van overgewicht bij de jeugd.
  • Sport inzetten als middel tegen schooluitval.
  • Ontwikkeling van talent in de sport.


pijl Zie TOOLS Overzicht van mogelijke samenwerkingspartners. Hier is een invulschema opgenomen van partijen die partners kunnen zijn in de samenwerking onderwijs en sport. 

Verwoord een gezamenlijke ambitie
Dan is het zaak de partijen bij elkaar te brengen. Het kan tijd kosten om de juiste partijen te vinden en contact met hen te leggen. Neem die tijd dan ook. Een bijeenkomst met één of meerdere partijen kan op het gemeentehuis, maar bij elkaar komen op een van de scholen of bij een sportorganisatie kan wellicht te ‘werksfeer’ naar voren brengen en de betrokkenheid van de partijen versterken.

Het is zaak om kritisch te kijken of er voldoende gezamenlijke belangen zijn bij de verschillende partijen om zich duurzaam aan te sluiten bij een samenwerkingsverband. Naast gezamenlijke belangen, dienen de partijen ook de eigen doelstellingen te herkennen. Alleen dan kan voldoende commitment en een productieve bijdrage worden verwacht.

Push and pull
Bedenk welke push en pull factoren u in handen heeft. De gemeente kan bijvoorbeeld subsidies geven of juist intrekken, accommodatie opknappen of mogelijkheden bieden om een combinatiefunctionaris aan te trekken. De sportvereniging heeft accommodaties en een sportaanbod te bieden en wil bijvoorbeeld graag meer leden en meer financiële middelen. De scholen hebben dagelijks de doelgroep in huis. Zij willen bijvoorbeeld graag goede PR en een goede accommodatie.
Denk ook aan andere partijen. Bijvoorbeeld justitie die lagere kosten heeft door dalende criminaliteit of de jeugdhulpverlening die nieuwe behandelmethoden krijgt aangereikt. Hoe duidelijker het belang voor een deelnemende partij kan worden aangetoond, hoe meer inzet te verwachten is.  

Welke partijen wel en welke niet? 
Partijen die niet in staat zijn een bijdrage te leveren, omdat ze bijvoorbeeld een te kleine achterban of onvoldoende draagvlak hebben of partijen waarvan de eigen organisatie onvoldoende op orde is, moeten geen cruciale plek krijgen in het netwerk. Dat vertraagt te veel en is vaak demotiverend voor de andere partijen.
Bedenk wel dat partijen vanuit verschillende rollen kunnen bijdragen aan een netwerk. Bijvoorbeeld door alleen toehoorder te zijn of alleen aan te schuiven op uitnodiging, als er relevante agendaonderwerpen zijn.

Do's!

  • Sluit aan bij bestaande netwerken en overlegstructuren.
  • Zoek naar samenwerking met partijen die naast gezamenlijke belangen, ook een gezond eigenbelang hebben.
  • Maak het belang voor de deelnemende partijen inzichtelijk.
  • Neem de tijd om partijen te vinden en contacten te leggen.

 

Don'ts!

  • Op bestuurlijk niveau werken met vertegenwoordigers die geen beleidsinvloed of mandaat hebben.
  • Werken met partijen die intern de zaak niet op orde hebben of onvoldoende draagvlak hebben bij hun achterban.
 

Meedoen
  

blok_platformsbo